Boomplantages
Commerciële exploitatie van het bos wordt vaak gedaan door middelgrote en grote bedrijven. In de meeste landen in het Zuiden is de overheid eigenaar van het bos, en hebben bosbouwbedrijven de gebieden in concessie (concessiehouders). Een concessie kan in grootte variëren, van 20.000 tot ruim 350.000 ha.
De kap van bomen in tropische bossen gebeurt op verschillende wijzen. Vaak worden eerst alleen de meeste gewilde, commercieel aantrekkelijke soorten gekapt voor de export. Daarna worden andere soorten gekapt, voor de lokale markt.
In FSC gecertificeerd bos worden bomen van diverse soorten selectief gekapt, en krijgt het bos 25-30 jaar de tijd om weer te herstellen. Het gevolg hiervan is dat er minder gekapt kan worden per jaar, maar dat de volumes wel continue zijn. Dit vergt voor bedrijven een initiële investering, met lange termijn rendement.
Verder levert de FSC manier van kappen een divers aanbod van hout op; dus naast de bekende (en veel gevraagde) houtsoorten komen er ook andere soorten op de markt (de zogenaamde secondary species). Van deze soorten moet het marktpotentieel soms nog bewezen worden.

Deelnemende toeleveranciers:
Concessiehouders / bosbouw bedrijven in Peru, Bolivia, Brazilië, Indonesië (bijvoorbeeld Orsa, Cikel, Amata, Universal Timber, Madeira Lithoranea)
Communities, met gronden in bezit of in concessie, in Peru, Brazilië, Bolivia (bijvoorbeeld via COPPERFLORESTA)
Artikel van Steijntje Blankendaal in Trouw over tropische bosbouw in Amazone gebied (1 pagina, 265.1 Kb)















